Achtergrondinformatie door schrijvers

Hierna volgt informatie die een bewerking is van de door de schrijvers van de Musical gemaakte achtergrondverhaal.

Maria

De kracht van de liefde

De oorspronkelijke versie is op een aantal punten gewijzigd:

Het speelt in Nederland ergens in de jaren 50 in een dorp.

Een aantal namen van spelers zijn veranderd.

Een aantal stukken en teksten zijn ingekort en vervangen of gewijzigd voor de versie in Aalsmeer.

Korte inhoud

In een klein dorp, ergens in Nederland in de jaren 50, komt op een dag een reizend theatergezelschap langs. De groep speelt op verzoek improviserend theater. Ze besluiten in overleg met de dorpelingen om het levensverhaal van Maria tot leven te laten komen in spel en zang. De groep zal een aantal dagen blijven: overdag praten de vijf acteurs en de regisseur met de dorpelingen om zich een beeld te vormen van het leven in het dorp en de persoonlijke  levensverhalen; ’s avonds verwerken ze die ervaringen in hun spel waarbij ze linken leggen met het verhaal  over Maria.

Het publiek maakt als allereerste kennis met Olga en Nina, die samen roddelend, hele en halve insinuaties hun beeld van de werkelijkheid geven.

Centraal staat een drie-generatie-familie: oma Marieke, haar dochter Agnes (getrouwd met Adrie) en kleindochter Fanni, die onbedoeld zwanger is geworden van Eddy, een niet al te slimme jongen uit een dorp verderop.

De familie is katholiek. Marieke (haar naam is rechtstreeks afgeleid van Maria) is zeventig en overlijdt aan het eind van de musical. Ze vereert Maria en is op een mooie manier trouw gebleven aan katholieke waarden. Haar dochter Agnes heeft die waarden ook meegekregen. Voor haar is Maria ook belangrijk, maar op een andere manier dan voor haar moeder Marieke. Agnes heeft twee dochters, van wie Sari op dertienjarige leeftijd is overleden. Dit verdriet beheerst haar leven en maakt dat ze het moeilijk vindt om haar andere dochter, Fanni, de ruimte te geven die ze nodig heeft. Haar man Adrie steunt zijn vrouw, maar blijft in het verhaal wat op de achtergrond, hoewel hij wel een felle, soms ongenuanceerde mening heeft over de keuzes die dochter Fanni in haar leven maakt. Dat maakt het losmaken voor Fanni alleen maar moeilijker. Zeker nu ze zwanger is geworden, een feit waar beide ouders in eerste instantie niet echt blij mee zijn.

Fanni zelf is niet actief met het katholieke geloof bezig, maar is er wel gevoelig voor. Ze heeft een bijzondere en open band met haar oma Marieke die haar stimuleert voor zichzelf te kiezen omdat dat ook in het belang van Fanni’s ouders is.

Als de theatergroep arriveert wordt Fanni tot over haar oren verliefd op de jonge acteur Emil. De liefde is wederzijds. Emil kiest onvoorwaardelijk voor het nog ongeboren kind van Fanni. En Fanni voor hem, want ze zal besluiten om met Emil mee te gaan als de theatergroep weer verder trekt.

In het dorp leven ook Hein, een slager, en zijn vrouw Anna. Het lijkt een allesbehalve rooskleurig huwelijk dat veel onbesproken geheimen bevat. Anna en Hein zijn van huis uit katholiek. Hein is het type ‘ruwe bolster, blanke pit’ en heeft weinig ‘taal’ in huis om Anna te laten blijken dat hij wel degelijk van haar houdt. Het echtpaar is kinderloos, tot groot verdriet van Anna.

Wat Anna echter niet weet is dat Hein een zoon heeft uit een eerder huwelijk met zijn eerste vrouw Rita. Rita is overleden in het kraambed. De baby – de jongen Ludwig – is door Hein te vondeling gelegd bij Jan, een vrolijke, evenwichtige alleenstaande man, die Ludwig heeft opgevoed. In de musical is Ludwig 18 jaar en op zoek naar zijn wortels.

Op een goed moment stort Hein zijn hart uit bij Greta, de herbergierster in het dorp, en vertelt hij zijn levensverhaal. Greta vindt dat Ludwig en Anna recht op de waarheid hebben. Die waarheid zal ook aan het licht komen.

Door de voorstellingen van de theatergroep – die op een verrassende manier thema’s uit het leven van Maria vervlechten met de levensverhalen van de dorpelingen – gebeurt er iets in het leven van vrijwel alle dorpelingen. Ze gaan vragen stellen. Aan zichzelf en aan elkaar. Vragen over zin en onzin, verdriet en hoop, geloof en liefde, loslaten en vasthouden, begin en einde, dood en leven, dromen en visioenen, over geheimen, vastgeroeste patronen en emoties. En soms is het net of de dorpelingen zelf met Maria meelopen. Waardoor haar vragen ook hun vragen worden. En haar antwoorden ook hun antwoorden. Zo krijgt Maria de plek die ze ook inneemt voor veel mensen: een nabije moeder met oog voor wat een mens daadwerkelijk nodig heeft aan begrip en mededogen. Aan liefde en warmte. Een moeder zonder voorwaarden vooraf. Bij wie je altijd terecht kunt.

 

Geef een reactie